Blog · Wat het Corona-virus ons laat zien

Als mens word ik al drie weken lang geraakt door de verhalen die ik hoor, de dingen die ik zie en de impact die Corona op mijn eigen leven heeft. Als aanstaande vader zijn het spannende tijden met over vijf weken een kind op komst. En als antropoloog kijk ik gefascineerd naar wat er zich in onze samenleving afspeelt. Naar hoe we als individuen en als collectief reageren op het uitbreken van de Corona-pandemie.

Antropoloog in tijden van Corona

Ik ben gefascineerd door de lege schappen waar toiletpapier had moeten liggen. Om dan de foto’s niet op internet te zetten om het hamsteren niet nog meer te voeden. Ik word geraakt als ondernemer omdat praktisch al mijn klussen zijn geannuleerd. Om dan met veel energie mezelf opnieuw uit te vinden en te experimenteren met nieuwe vormen. Ik was ontroerd door het minutenlang klappen voor onze dappere zorgverleners. Trots op de leiders van dit land die met 50% informatie 100% beslissingen moeten nemen. En ik ben dankbaar voor mijn bevoorrechte positie in Nederland, waar de zorg van wereldklasse is en social distancing überhaupt een optie is. 

Na een week of drie Corona, soms er middenin en dan weer kijkend van afstand, vallen mij een aantal dingen op die ik vanuit een antropologisch perspectief met jullie deel.

  1. Ten eerste de totale verbondenheid van alles met alles en iedereen met iedereen. Als gevolg van mondialisering zijn mensen, goederen, kapitaal en ideeën steeds sneller gaan reizen. Met die toenemende uitwisseling komt verbondenheid en daarmee afhankelijkheid, en kwetsbaarheid. De antropoloog Thomas Hylland Eriksen schreef daarover in 2016 het scherpe boek ‘Overheating’. Door de toegenomen mobiliteit en de toenemende snelheid waarmee dat gebeurt, raken onze sociale, economische en ecologische systemen oververhit, zoals we nu dagelijks zien en ervaren. Als we zo afhankelijk van elkaar zijn, zouden we er goed aan doen om beter voor elkaar en beter voor onze commons te zorgen, om economieën en samenlevingen te bouwen die goed zijn voor iedereen. Immers, het kan alleen maar goed gaan met mij, als het goed gaat met jou. We zijn afhankelijk van elkaar.
     
  2. Ten tweede laat Corona ons zien hoe ongelofelijk groot onze veerkracht en ons aanpassingsvermogen zijn om ons overnight aan (tijdelijk) fundamenteel veranderde omstandigheden aan te passen. Ondanks de fysieke afstand zijn we enorm verbonden, we zijn massaal behulpzaam aan mensen die kwetsbaar zijn. We beperken onszelf redelijk vrijwillig om kwetsbare bevolkingsgroepen te beschermen en de zorg ademruimte te geven. We zien bedrijven de handen ineen slaan om de zorg te voorzien van de juiste materialen, we zien leiderschap dat boven de politieke partijen staat. En we zien docenten, scholen en universiteiten in een week tijd digitaal onderwijs uit de grond stampen. We doen nu in weken wat je normaal nog niet in jaren voor elkaar zou krijgen.
     
  3. Ten derde legt Corona feilloos een aantal weeffouten in ons sociaal-maatschappelijke en economische systeem bloot:
  • Verpleegkundigen, leerkrachten, politieagenten, vakkenvullers, buschauffeurs en de pakketbezorgers blijken essentieel te zijn voor het functioneren van de samenleving. Ik ben niet de eerste die het zegt, maar ik wil het wel gezegd hebben. De jarenlange bezuinigingen op wat nu 'vitale beroepen' blijken te zijn, hebben de draagkracht van deze mensen en beroepsgroepen uitgehold, terwijl zij altijd in de (soms metaforische) frontlinie staan. En toch, toch blijven zij hun werk doen, in extreem intensieve omstandigheden, met hart en ziel en een inzét. Zullen we al deze mensen straks naar hun maatschappelijke waarde gaan behandelen?
     
  • Het idee dat economische groei belangrijker is dan welzijn en duurzaamheid. Ons economisch systeem is gebaseerd op roofbouw op de ecosystemen waarin we leven, op meer nemen dan de aarde kan produceren, en op het externaliseren van de sociale en ecologische kosten op de samenleving. De effecten van de Corona-crisis laten haast pijnlijk zien hoe we onze eco-systemen hebben uitgeput. Door de verminderde industriële activiteiten en (vlieg)bewegingen daalt de uitstoot, neemt de luchtkwaliteit toe en herstelt de natuur zich. Misschien is het tijd voor een post-growth economie die welzijn voor velen in plaats van economische welvaart voor enkelen brengt?

    Als de Corona-crisis al geen gezicht heeft, heeft de klimaatcrisis dat al helemaal niet. Maar zonder radicale hervormingen in ons economische systeem en onze relatie met de levende omgeving, zal de klimaatcrisis nog veel grotere gevolgen hebben. Daarom is het zo ongelofelijk onverstandig om klimaatmaatregelen tot nader order op te schorten, zoals op dit moment wereldwijd en ook in Nederland dreigt te gebeuren.
     
  • De enorme verschillen in welvaart en economische ongelijkheid tussen mensen. De Corona-crisis creëert geen level playing field omdat iedereen ziek kan worden, maar vergroot en verscherpt de bestaande ongelijkheden. Er ontstaan allerlei breuklijnen tussen (groepen) mensen; zij die het zich kunnen veroorloven om thuis te werken en zei die de frontlinie in moeten met gevaar voor eigen gezondheid. Kinderen die in een veilige thuisomgeving onderwijs krijgen van hun ouders, en kinderen die geen veilige thuissituatie hebben, laat staan kunnen rekenen op ondersteuning van hun ouders. Plekken in de wereld waar social distancing tot de mogelijkheid behoort, en plekken waar daar niet eens fysieke mogelijkheden voor zijn. Mensen die het zich kunnen veroorloven weken of maanden minder of geen inkomsten uit hun werk te hebben, en mensen die voor hun avondeten afhankelijk zijn van wat ze vandaag verdienen. Corona is geen gelijkmaker, het is een ongelijkmaker.

'Lockdown leadership'

Antropologen noemen waar we nu in zitten ‘liminaliteit’, de ‘liminale fase’, of het Ondertussen. In het ondertussen is de oude ordening verdwenen maar is de nieuwe nog niet uitgekristalliseerd. Dat brengt onzekerheid en chaos met zich mee, want je weet niet volgens welke spelregels het spel gespeeld wordt. Dat vraagt om liminaal leiderschap, en in deze tijd is de term ‘lockdown leadership’ wel passend.

Ik gebruik vaak de energietransitie als voorbeeld, maar ook het uitbreken van de Corona-pandemie voldoet volledig aan de criteria. Je vind ineens andere dingen belangrijk en gaat andere keuzes maken. Omdat de culturele regels in het ondertussen onduidelijk zijn, hebben we vaak een kort lontje, zijn we sneller chagrijnig en emotioneel.

We doen een appèl op onze leiders om vooral snel duidelijkheid te geven, want het is bijzonder oncomfortabel om niet te weten waar we aan toe zijn. Natuurlijk is het goed om daadkrachtig en duidelijk te zijn waar mogelijk, maar tegelijkertijd verschuift ook ons betekenissysteem en is het goed om te vertragen.

Wat je in tijden van crisis kunt doen als leider, ouder, vriend of collega, noemen wij creating space en holding space. Ruimte maken voor emotie, voor gesprek, voor betekenisgeving, voor onzekerheid, voor niet-weten, voor het zoeken naar een nieuwe ordening. Nieuwe rituelen maken om overgangen te markeren. You’re not lost, you’re here. And I’m here with you.

Laten we de brand blussen, en de lessen niet vergeten

Corona toont ons de totale verbondenheid van alles met alles, en iedereen met iedereen. Daarnaast laat het feilloos een aantal weeffouten in de samenleving zien, de structurele onderwaardering vitale beroepen, de overbelasting op onze ecosystemen, en de verscherping van ongelijkheid. Het Corona-virus laat ons zien hoe groot onze veerkracht is en hoe belangrijk het nu is om opnieuw betekenis te geven. 

Ik hoop dat we kunnen zien wat Corona ons laat zien, en dat we de belangrijke lessen gebruiken om te bouwen aan een betere, duurzamere en inclusievere samenleving.

[Dit artikel is ook als pdf te downloaden: Wat het corona-virus ons laat zien]