Blog · Modder aan je handen

De directe impact van een daktuin slaat geen deuk in een pakje boter. Maar de indirecte opbrengst is enorm en die zit hem in de bewustwording. Op die manier werkt het effect misschien wel veel verder door dan alleen tot op je bord. En af en toe met je handen in de aarde is eigenlijk best fijn.

Lost kleinschalige stadstuinbouw het voedselprobleem op? Waarschijnlijk niet. De schaal waarop in stadstuinen voedsel geproduceerd wordt, is niet groot genoeg om te voldoen aan de voedselbehoefte van de inwoners van die stad. Het is arbeidsintensief en levert relatief kleine hoeveelheden voedsel op. Bovendien vereist het ‘vooroorlogs doorzettingsvermogen’. Moestuinieren is niet voor hipsters, betoogt Hans Ariens in zijn column op Feed the World.

Toegegeven: economisch bezien is deze vorm van landbouwen nauwelijks interessant. Maar ecologisch zijn deze moestuinen wel waardevol. De grootste waarde zit in de bewustwording en gedragsverandering. Iedereen modder aan zijn handen.

Regenwater
Vanuit ecologisch oogpunt is het stadstuinieren al een stuk interessanter. De dak- en stadstuinen zijn een veilige haven voor bijen, die in de monocultuur op het platteland en met de gebruikte pesticiden moeite hebben te overleven. Ook in de waterbuffering en warmteregulering van stedelijke omgevingen spelen de daktuinen een positieve rol. Regenwater doet de planten groeien en het overtollige water wordt gecontroleerd vrijgegeven aan de omgeving. Het warmte-effect van stedelijke hitte-eilanden wordt verminderd. Fijnstof worden deels uit de lucht gefilterd.

Anders kijken

Maar verreweg het belangrijkste gevolg van stadstuinieren is een veranderende blik op de natuur, op voedsel en op de maatschappij. Eigenhandig de plantjes binnen opkweken, op het juiste moment buiten overplanten, extra bewateren in tijden van droogte, leren van mislukte experimenten. De waarde hiervan is enorm, en maakt dat in ieder geval ik met andere ogen naar het bakje tomaten in de winkel kijk. Bovendien is de urban farm op veel plekken ook een ontmoetingsplek voor buurtbewoners, collega’s of gelijkgestemden. De sociale waarde spat ervan af.

Modder

Daktuinieren maakt je spaarzamer met het weggooien van eten, bewuster van de moeite die het kost voedsel te produceren en van de waarde die een volle smaak heeft. De beloning die een pas gekiemde cherrytomaat geeft, de zoete smaak van versgeplukte aardbeien en de waardering in mijn vriendenkring van weggegeven courgettes en rode bieten, maken het zeer de moeite waard.

De directe impact van een daktuin slaat geen deuk in een pakje boter. Maar de indirecte opbrengst is enorm en die zit hem in de bewustwording. Op die manier werkt het effect misschien wel veel verder door dan alleen tot op je bord. En af en toe met je handen in de aarde is eigenlijk best fijn.

Deze column verscheen eerder op Feed the World als reactie op bovengenoemde column van Hans Ariëns, onder de titel: Maak die handjes eens modderig.